Fahren… Fahren af der Autobahn

Een hit van Kraftwerk (1974), maar vandaag het thema van de dag. Om 6u wakker en om half zeven eruit, want Mieke kan elk uurtje van goed slapen heel goed gebruiken. Plan voor vandaag was direct vertrekken en voor het ontbijt al de nodige km’s maken richting Kopenhagen. De beloning was daar al direct toen ik naar buiten ging om de camper te ontkoppelen van het net.

Gisteravond na het eten, toen Mieke al vertrokken was om de nodige slaap in te kunnen halen, nog een tijdje met Marjet zitten kletsen. Gewoon een fijn lotgenotengesprek, dat ons beiden verder helpt. Tenslotte geldt, “Delen is helen”. Geesteren is een vaste pleisterplaats geworden van onze/mijn camperreizen. Pleisteren is eigenlijk ook helen! Daarom Marjet beloofd ook eind mei in de terugreis weer te komen pleisteren.

Exact om 7uur reden we weg uit Geesteren, geen mens te bekennen in de mooi mistige wijde omtrek. Op naar de file bij de grens, want Duitsland heeft grenscontroles ingericht. Mijns inziens een twijfelachtig uitvloeisel van symboolpolitiek. Tal van waarschuwingen  voor filevorming richting grens deden ons het ergste vrezen. Voeg daarbij de Deutsche grundlichkeit als het gaat om controleren en je  begrijpt dat we met spanning in al onze ledematen richtung Deutschland fahrten. De hele weg was afgezet en via een omgebouwde raststatte kwamen we aan bij de controlepost.

We werden verzocht rechts aan te houden en met wat slaom rijden kwamen we langs bij een provisorisch ingerichte post zonder controleurs. Das war alles! Geen checks geen paspoort inleveren, geen stempels, niets van dit alles. Teleurgesteld zijn we de Autobahn opgereden und sofort fahren gehen. Via Bremen, Hamburg, Flensburg bereikten was zonder al te veel oponthoud de Deense grens. Lekker ouderwets scheurden we in volle vaart ene Schengen land uit en het andere Schengen land in, zoals het destijds ook in Schengen bedoeld was. 

Denemarken heeft veel en prima rustplaatsen onderweg dus moet je er gebruik van maken.

En daarna kun je weer gaan! Op weg naar Kopenhagen, via de lange brug over de Store Belt, die de eilanden Funen en Sjaelland met elkaar verbindt. Vandaag wederom door mij gesponsord voor het bedrag van €48,19. Flink bedrag voor zo’n grijze kolos. In Rotterdam doen ze het bij de Zwaan goedkoper en die is ook nog mooier.

Om half zes in Kopenhagen, het is gelukt! De camperplek heeft alle voorzieningen, zelfs fietsen voor een sightseeing morgen, maar ligt wel in een troosteloze omgeving. Zien we toch weinig van, want 900km op een dag maakt een mens vermoeid, dus op tijd in bed.


Camperen nog leuk?

Onze laatste grote reis met de camper was in 2024, een fantastische reis door Griekenland. Wat mij betreft de beste camperreis die we ooit gemaakt hebben. Daarna ging het helemaal fout. Even het geheugen opfrissen. In het najaar van 2024 hadden we Noord-Spanje op het oog, maar bij Antwerpen moesten we die reis afbreken vanwege problemen met de camper. De motor verstikte zichzelf met de uitlaatgassen omdat de er een terugkoppelklep bleef hangen. Spanje en de camper maar snel vergeten en met de fiets lekker ouderwets door Nederland getoerd. Die reis is in de blog nog wel terug te lezen.

De laatste serie blog posts waren over ons bezoek aan Cuba. Een heel bijzonder land, Muziek, salsa, oude auto’s, mooie kusten, vriendelijke mensen, maar heel arm. In die blog schreef ik al dat het land ten dode was opgeschreven omdat er er nauwelijks economische activiteit is. De belangrijkste bron van inkomsten, het toerisme, ligt sinds de Covid epidemie aardig op z’n gat. Inmiddels, ruim een jaar later, probeert die rare man uit de VS het land het laatste zetje te geven dat het land in de afgrond doet storten. Het einde van het Castro communisme lijkt nabij.

Na die Cuba reis is het bij ons ook helemaal fout gegaan. De diagnose kanker zet je leven op z’n kop. Vandaag exact een jaar geleden kregen we te horen dat Gerda nooit meer beter zou worden en dat het medisch behandelplan de leidraad voor ons leven zou gaan worden. Dat heeft slechts 6 maanden mogen duren, een hele moeilijke periode waarin je elkaar overeind probeert te houden tegen alle twijfels in. Tot op de laatste dag van haar leven (6-10-25) was Gerda positief, sterk en hoopvol en na de onheilstijding restten nog slechts 5 uur, dat waren ook de meest bizarre uren van de ruim 50 jaar die we samen hebben doorgebracht. Ik ga daar nu hier niet over uitweiden, wellicht komen frasen van die avond later in de blog nog wel weer ter sprake.

Feit is dat ik inmiddels een half jaar verder ben, verdrietige en emotionele momenten steken op de gekste momenten de kop weer op. Ik accepteer het, probeer het niet weg te drukken, maar ben vooral bezig mijn leven opnieuw uit te vinden. Leuke en nuttige dingen doen waar ik energie van krijg. Dat gaat me steeds beter af, vind ikzelf en krijg ik ook terug van familie vrienden en kennissen. Het is ook de opdracht die Gerda mij gaf in die laatste uren. “Ga door met je leven, dat gaat jou lukken, ik twijfel er niet aan!”. Dat probeer ik nu dus. Dat is mijn missie geworden!

Deze camperreis naar Noorwegen, die morgen van start gaat, is een nieuwe fase in mijn missie.

Is camperen nog leuk?

in je eentje, zo zonder Gerda. Het wordt zonder twijfel lastig, ook vanuit praktische zaken. Alleen het inpakken van de camper al, was een hele opgave. Het mentale aspect wordt zonder twijfel nog lastiger. Het delen van je belevenissen, je gevoelens, de intimiteit en gezelligheid zullen enorm gemist worden. Wat staat daar tegenover? Ik ga het ontdekken!

In de volgende blogposts kun je meelezen hoe het antwoord op de vraag gevormd zal gaan worden.

Cuba, febr 2025, die glimlach….

Cuba en de Cubanen

Als er ergens in de wereld een multiculturele samenleving vredig samenleeft dan moet het wel hier in Cuba zijn. De Cubaanse bevolking is een samenstelling van de kolonisten uit met name Spanje, maar ook wat Fransen en Duitsers, een grote groep tot slaaf gemaakten zwarte mensen voornamelijk afkomstig uit Nigeria en Congo en een kleine groep van oorspronkelijke bewoners afkomstig uit Zuid en Midden Amerika waaronder de Taino stam.

Deze totaal verschillende bevolkingsgroepen zijn inmiddels al behoorlijk vermengd en naar ik begrepen heb is er geen sprake van racisme of discriminatie. Een land dus vol import van rassen en culturen en zonder vooroordelen met elkaar samenleeft.

Wat valt er verder op als je de Cubanen observeert of beoordeelt? Hier een uitgebreide samenvatting.

De mensen zijn zeer vriendelijk, de gastheren en gastvrouwen waren stuk voor stuk hele lieve en zorgzame mensen. Deden er alles aan om het naar de zin te maken. Bij de meeste Casa’s was er vaak ook sprake van een vrouw die voor het ontbijt of mogelijk het diner zorgden. Ook zij waren heel vriendelijk en servicegericht. In veel gevallen waren ze niet de Engelse taal machtig, maar dat maakte de situatie alleen maar leuker.

In de ochtend zijn de Cubanen allemaal al vroeg op straat te vinden, op zoek naar de dagelijkse levensbehoeften. En helaas die zijn nogal spaarzaam. Dus zie ’s morgens rijen voor een winkel of stalletje staan. Voor brood, voor vlees of vis. Of voor geld! Ook bij de bank of bij de spaarzame geldmaat zie lange rijen wachtende mensen. Het maakt op mij wel een trieste indruk.

Hier zijn geen grote AH’s of Jumbo’s met een enorme sortering van dagelijkse producten, maar hier vind je heel gerichte aanbieders. Een leverancier voor brood, een voor groente, een voor fruit, een voor vis, etc.en die komen allemaal gewoon naar je toe, met een handkar gaan ze door de straten. Als je in een grote (staats) winkel komt zie je vooral veel van hetzelfde. Heel veel flessen rum, maar geen flessen water, heel veel pakken sapjes en blikjes bier en daarnaast ook heel veel lege schappen. Triest beeld. Nog triester als je in een farmacie naar binnen kijkt, daar is de leegte troef. Aan medicamenten is een groot tekort, arme mensen spreken toeristen aan met de vraag of je aspirine of paracetemol over hebt. Wij waren van tevoren geïnstrueerd en hadden dus een klein dozijn meegenomen om te kunnen uitdelen.

Over wonen. Cubanen wonen vooral op of aan de straat. ’s Avonds als ze thuis zijn zitten ze in de deuropening op de stoep en maken een praatje met zij‐ of overburen, of zitten (ja ook hier dus) op hun smartphone! Dat laatste past volgens mij eigenlijk helemaal niet bij de Cubaanse cultuur. De mensen met een wat groter huis zitten op hun veranda en dan is de stoel waarin ze zitten een schommelstoel. Die zijn hier onderdeel van de cultuur: heb je een veranda dan staan daar een ov twee schommelstoelen.

Overigens is het zitcomfort van de gemiddelde stoel in Cuba belabberd. Stoelen op terrassen in de stad, maar ook schommelstoelen zijn vaak uitgevoerd in gietstaal en een kussen is er echt niet te vinden. Ook stoelen binnen in de restaurants zijn van hout en de leuning is kaarsrecht, ook daar houd je het niet zo lang uit.

Is het het communistische systeem of is het de caraibische mentaliteit dat de Cubanen een bijna lethargisch indruk maken. Als ik een vergelijking maak met bijvoorbeeld het Indonesisch volk dan zijn er wel wat overeenkomsten zoals het klimaat en de levensstandaard, maar bij Indonesiërs zie je toch veel meer ambities en actief gedrag. Van het communisme is bekend dat de prikkel om meer inzet te vertonen wordt weggenomen, wellicht is dat toch de belangrijkste reden.

De Cubanen zijn natuurlijk kampioen in duurzaamheid! Nergens ter wereld zie je dat de oude spullen in stand gehouden of hergebruikt worden als hier. Bovenal in de lijst staat natuurlijk de “classic cars”, maar ook de ossenkar, paard en wagen in talloze uitvoeringen zie je hier volop. In sommige steden is wel veel gemotoriseerd verkeer, maar in een stad als Santiago de Cuba was er heel weinig verkeer. Geen geparkeerde auto’s en iedereen wandelt over straat. Heel gezellig allemaal.

Hier in de oude binnenstad van Habana waar onze Casa is, zie je ook weinig auto’s rijden. Veel fietstaxi’s die je door de binnenstad kunnen brengen. Buiten Habana is wel wat meer gemotoriseerd verkeer. De straten hier in de oude stad zijn erg smal en erg slecht van kwaliteit. Daarnaast staan er op bepaalde straathoeken een soort van containers opgesteld voor het vuilnis. Het probleem is echter dat die niet frequent geleegd worden waardoor er zich een enorme vuilnisbelt ontwikkelt met alle gevolgen vandien. Geen Cubaan die zich daar druk om lijkt te moeten maken. De straat wordt smerig en daardoor ontstaat er ook veel zwerfvuil. Soms zie je een vlijtige Cubaanse de stoep en soms ook de straat schoonmaken.

Tenslotte de muziek en de dans. De spirit van Cuba. Volgens mij de verbindende factor in de samenleving. In alle variaties, van het aloude quantanamera tot aan de moderne gangster rap. De ritmes van Cuba zijn fascinerend. Voor mij ook een belangrijk motivator om er een keer naar toe te gaan. Daar heb ik ook zeker volop van genoten.

Al met al vind ik Cuba een heel bijzonder land, een land dat heel veel rijkdom heeft gekend, zeker hier in Habana. Echt plaatjes van gebouwen en dito gevels, maar hoelang blijft dit nog overeind. Er staat heel veel bouwval tussen en er wordt heel weinig gerenoveerd. De infrastructuur kraakt in alle voegen, uitval van energie, slechte wegen, openbaar vervoer is krakkemikkig, etc.   Dat lijkt niet zo lang meer goed te kunnen gaan.


Maar ja het land heeft geen geld, er zijn geen grote verdiensten uit industrie of landbouw, terwijl het klimaat en er op deze vruchtbare bodem toch heel veel mogelijk zou moeten zijn. Daar heb je echter investeerders voor nodig en die komen niet uit het eigen volk, dat moet uit het buitenland komen. En dat staat het communistisch regiem echter niet toe. Kortom het land heeft een groot probleem dat onoplosbaar lijkt. Het land zit in een neerwaartse spiraal en de grote vraag is hoe dat te doorbreken.


Where are you from?

We zijn weer terug in Habana. Twee wachten op de luchthaven, dan anderhalf uur vliegen vanaf Santiago en dan een vervolgens 3 kwartier op je koffer en een half uur op de taxi die bij de verkeerde Terminal op ons stond te wachten.

Bij aankomst nergens meer eten te krijgen dus de maaltijd maar overgeslagen en onder het Lake gekropen.

De komende dagen nog alle gelegenheid om Habana verder te ontdekken. En dan vooral die mooie klassieke gebouwen uit eind 19e eeuw. Zoals de Cubaanse KvK, waar we helaas niet naar binnen mochten.

Het historische museum van Habana is ook zo’n schitterend gebouw en was wel toegankelijk, maar dan kom je toch weer een beetje bedrogen uit. Want wat blijkt, op de bovenste verdieping wordt onderhoud gepleegd en is niet toegankelijk. Maar…. Dat vertellen ze je niet als je het ticket koopt. En als je dan achteraf wat van zegt, dan krijg je opmerking dat zij het ook niet kunnen helpen.. 🤔

Natuurlijk ook veel kerken, want Cuba is ook behoorlijk katholiek. Een erfenis van de kolonisten, maar deze kerken zijn niet zo overdadig ingericht als wat je in Spanje tegenkomt.

Maar om terug te komen op de titel. “where are you from” dat is de manier waarop je, de toerist, wordt aangesproken. De ijsbreker zeg maar! Als je op de vraag ingaat heb je een gesprekje in Spainlish en krijg je afhankelijk waar je loopt van alles aangeboden: de best food, lobsters as big as you, best price, nice atmosphere, good music of als je dat allemaal afslaat komt de volgende categorie; very good rum, the best, real Habana cigars of  change money sir, 320 pesos for your dollar or euro. Dit zijn de echte handelaren of runners om klanten het restaurant in te krijgen.

Er is ook nog een ander soort categorie die een minder duidelijke missie uitventen. Ze knopen met het onvermijdelijk “where are you from” een praatje aan met je, geven je de informatie die je hen dan vraagt of die ze zelf aan je kwijt willen. Daarmee ga je gemakkelijk in de fout, want als ze met je mee gaan lopen dan kom je er weer heel lastig van af. Vervolgens maak je hem of haar duidelijk dat je het alleen wel red. Dan komt op het allerlaatste moment de vraag of je wat over hebt voor ze, om melk te kopen voor de jonge dochters of medicijnen voor de oude moeder.

Je denkt op niveau van gelijkwaardigheid een leuke conversatie of informatieuitwisseling te hebben en ineens is er het grote verschil. Jij bent rijk, kan je dit allemaal permitteren en ik ben arm en moet veel problemen overwinnen. Dus….. Over de brug ermee!

Je kan het voor zijn door tijdig een fooitje te geven of een drankje met een bedankje, maar zelfs dan krijg je het verzoek of je even een maandsalaris wil doneren, want het is allemaal zo lastig in Cuba op dit moment. Hoge inflatie enzo.

Dat overkwam ons gisteren. Ondanks het feit dat deze aardige vrouw ons prima geholpen heeft bij het verkrijgen van tickets van een “Gran Concierto” trapten we er weer in. 

Als dank hebben we haar getrakteerd op een “fresh Cuban” cocktail. Zij wist daar een uitstekend kroegje voor. Leuk denk je. Dan raak je weer gezellig in gesprek, je geeft haar je laatste doosje Paracetemol (we hadden een klein dozijn meegenomen om uit te delen) en ze is erg dankbaar. Mooi denk je. Goed aangepakt dit keer. Dan ga je afrekenen, blijken de cocktails flink aan de prijs te zijn in dit speciale kroegje. Ik verdenk ze van een lokale en een internationale prijslijst. Nou ja, OK klaar. We nemen afscheid en dan…. Nee he, niet weer zo’n vraag 🙁

Maar het concert was hartstikke leuk, we hadden een fantastische avond en hebben de wrange smaak met Mojito’s en water weggespoeld. Hebben ook nog even de Salsa lessen in de praktijk kunnen brengen.



Fidel

Zeg je Cuba, zeg je Fidel Castro. Gisteren en vandaag kwamen we de relikwieën van zijn bestaan tegen. Hoogste tijd om een blog post aan Fidel te wijden.

Bron Wikipedia

Fidel is opgegroeid in Santiago, en daar is ook een mausoleum ingericht. Dat is ook de reden dat we ons de afgelopen dagen ons verder hebben verdiept in de revolutionaire leider van Cuba. Fidel is in 1926  geboren in Biran, dat ligt in het gebergte ten noorden van Santiago en is de zoon van een Spaanse boer. Op 6 jarige leeftijd is hij samen met ouderd en zus naar Santiago verhuisd.

We hebben het ouderlijke huis kunnen bezoeken.

En hebben ook de basisschool gezien waar hij de eerste stappen tot wijsheid heeft gezet. Tegenover zijn geboortehuis is een museum ingericht waarin een overzicht wordt gegeven van de verovering gie ingezet zijn in ZO Cuba en verder richting Havanna hebben gevoerd. 

Bron Copilot

Op 26 juli 1953 vond de aanval op de Moncada-kazerne in Santiago de Cuba plaats. Deze aanval werd geleid door Fidel Castro en zijn groep revolutionairen, en was bedoeld om het regime van dictator Fulgencio Batista omver te werpen. Hoewel de aanval mislukte en veel van Castro’s volgelingen werden gedood of gevangengenomen, markeerde het een belangrijk moment in de Cubaanse Revolutie. De aanval op de Moncada-kazerne wordt beschouwd als het begin van de revolutionaire beweging die uiteindelijk leidde tot de omverwerping in 1959 van de toenmalige leider Batista.

Deze mislukte, maar de tweede actie die in 1956 is ingezet vanuit Mexico vanwaar hij opnieuw Cuba samen met zijn broer Raúl en Ernesto “Che” Guevara en een heel beperkte groep soldaten nabij Santiago is binnengevallen

Bron Copilot

De landing was chaotisch en de groep werd snel ontdekt door de troepen van Batista. Slechts een handvol rebellen, waaronder Fidel, Raúl en Che, overleefden de eerste confrontaties en vluchtten naar de Sierra Maestra-bergen. Daar begonnen ze een guerrillaoorlog tegen het regime van Batista, die uiteindelijk leidde tot de overwinning van de revolutionairen en de omverwerping van Batista op 1 januari 1959.

De onderstaande kaart geeft daar een beeld van.

Een bijna hopeloze actie, maar die met behulp van steeds meer medestanders uiteindelijk toch succesvol is gebleken.

Jammer dat het verhaal in het museum alleen maar in het Spaans is beschreven. Maar de plaatjes en alle attributen geven toch wel een goede indruk hoe dat er allemaal aan toe is gegaan.

Gisteren hebben we een bezoek gebracht aan het mausoleum van Fidel.

Een ereplek op een enorme begraafplaats waar de finefleur van Cuba ligt begraven. Het is een immens grote begraafplaats met heel veel wit marmer. Het ene graf is nog pontificaler dan het andere. De voorvaderen en stichter van het Rum imperium Bacardi is er ook te vinden.

Uiteraard is er een uitgebreide wacht aanwezig en toen wij er waren werd die met veel ceremonie gewisseld. Hier zijn de paden aangelegd met wit marmer en worden de nodige militaire inzet gepleegd als eerbetoon. Dat is mooi natuurlijk maar het is echt overdone, het geld zou beter besteed kunnen worden.

Als bezoeker moet je je uiteraard wel aan de regels houden, maar die kenden we dus niet . Daar werden we door andere toezichthouders fijntjes op attent gemaakt. Niet over het gras, niet op het marmer bij de wacht en natuurlijk hoed af als je bij de steen van Fidel gaat kijken. Wederom een nostalgisch gevoel, behandeld worden als een kleine jongen.

Gisterenavond, in het pikkedonker, dankzij weer een blackout, naar een restaurant gelopen. Ik moet zeggen dat is toch wel behoorlijk avontuurlijk. Later op de avond was  er weer ergens een schakelaar overgehaald en  konden we nog even naar het plein der pleinen

Santiago de Cuba is ondanks de geschiedenis die hier ligt over Fidel niet heel toeristisch. Het is een van de betere steden die we hebben bezocht. Redelijk schoon, redelijke goede wegen, rustige straten en heel veel muziek. Vanmorgen kwam ik mijn vriend uit het café weer tegen, nu spelend op straat. Zonder het te vragen werd Chan Chan ten gehore gebracht.

Mocht nog even met bassist op de foto. Geweldig. Mijn dag was alweer geslaagd.


Santiago de Cuba

Gisteren in deze plaats aan de zuidkust van Cuba aangekomen. Via een schitterende rit zijn we de Oostpunt overgestoken. Mooie route, een goede rustige chauffeur en een redelijk wegkwaliteit met fraaie uitzichten.

Binnen een uur werd een mooi contrast tussen noordzijde, met het regenwoud, en de zuidzijde duidelijk.

Ook werd ons nog een verre blik gegeven op een vreemd stukje Amerika, nl. Quantanamo bay. De befaamde locatie waar de Amerikanen de terroristen van 911 hebben ondergebracht. Naar ik begrepen heb (cfr.org) zitten er nog 15 van de vermeende daders aldaar gevangen. 

Een kwartiertje later zijn we in het Cubaanse Quantanamo voor een plas- annex koffiepauze. Wat ons opvalt is dat dit stadje aanzienlijk rijker is dan bijvoorbeeld Baracoa. Ik vermoed dat dit voortkomt uit het feit dat dat de inwoners diensten verlenen aan de Amerikanen en daar relatief veel inkomsten uit weten te halen. Waardoor de plaatselijke economie een boost heeft gekregen.

Na aankomst in Santiago installeren we ons in een deftig herenhuis nabij het centrum. Een heel aardige kerel is de host en hij woont er tezamen met zijn vader, ook een vriendelijke en montere man en zijn moeder die duidelijk aan het dementeren is.

In de middag ga ik alleen op verkenning uit omdat Gerda niet helemaal fit is en graag wat rust neemt. De eerste indruk van Santiago is goed, ook hier aardig opgeruimd, redelijke huizen en lage straten, je ziet er heel weinig auto’s. Met als gevolg veel wandelende inwoners die daar de straat voor gebruiken, uiteraard aan de schaduwzijde want de zon laat zich gelden zo in de middag.

Op het kruispunt van onze straat en de autovrije wandelstraat kom ik de eerst straatmuzikanten tegen. Even van genieten. Het heeft wat weg van New Orleans, maar dan hier op z’n Cubaans. Oudere mensen en uiteraard geen jazz of blues, maar Salsa en Son. Mooie ritmes en heerlijk relaxed.

Op het mooie plein met kathedraal, een hotel en nog wat andere overheidsgebouwen komt het geluid van nog meer Cuban Music naar mij toe. In het Casa de la Trova swingt het heerlijk en natuurlijk laat ik me verleiden naar binnen te gaan

Ik kom aan de praat met twee bijzondere figuren, geef ze een biertje en maak daarmee vrienden. Onze rastaman leert me de ritmes, maar ik blijf hardleers. Dat levert de nodige hilariteit op.

Kortom een gezellig uurtje dat werd afgemaakt door het bekende Chan Chan.

Mijn middag kon niet meer stuk. Heerlijk.


Yumuri

Gisteren een excursie gedaan naar Yumuri. Een stukje in de richting van het meest oostelijke deel van Cuba. Van ons contactpersoon in Cuba kregen we het advies om vanuit Baracoa een bezoek te brengen aan een van de rivieren in het tropisch regenwoud. Het boeken van de trip was al een bijzonder avontuur. We hadden de trip afgesproken met een zekere Luis voor €25 pp. all inclusive. Achteraf gezien wat voorbarig, want later in het dorp kregen we meerdere keren eenzelfde aanbod. We hadden ook op onze tocht naar het archeologisch museum gisteren een ander aanbod van €30 maar deze man sprak uitstekend Engels. Achteraf was dat denk ik een betere keus geweest. Waarom wordt in deze blogpost wel duidelijk.

De afspraak met Luis was nogal vaag. Eerst was de tijd 9u, later werd dat 10u en ook de locatie was niet helder. Bij de kerk of op de eerste plek.

Dus zijn we om half 10 op zoek gegaan naar Luis ergens in het centrum. Maar geen Luis. Inmiddels werden we door een andere gids Ernesto aangesproken, hij kon ons ook een dergelijke trip aanbieden. We zeiden als Luis zich om 10u niet meldt dan gaan we met jou in zee. Zo gezegd zo gedaan! Geen Luis ,dan maar Ernsto. Maar op het moment  dat we met Ernesto naar de taxi liepen meldde Luis zich bij me. Heftig gesticulerend en in rap Spaans probeerde hij mij duidelijk te maken dat dit geen stijl was. Hij had al een taxi geregeld en daarvoor 2000 pesos voorgeschoten, als ik hem tenmiste mocht geloven. Hij eiste geld van mij. Nou, jammer dan Luis moet je maar op tijd zijn en duidelijke afspraken maken. Hij bleef zeuren terwijl wij in de taxi stapten. Ik geloof dat Ernesto hem 200 pesos als goedmakertje heeft toegeschoven. Maakt niet uit verder we gingen op stap.

We mochten voor in de taxi zitten, nou ja taxi, een jeep uit de vorige eeuw uiteraard met achterin nog een stuk of 6 medepassagiers. Opgeknoopt op de voorbank vroegen we onszelf af in welk avontuur we nu weer waren beland. Via de buitenwijken van Baracoa kwamen we aan bij het eerste item van onze excursie, een cacao plantage.

Cacoaplant

De sessie op de cacao farm was informatief en verder prima. Veel van opgestoken zoals al eerder vermeld. Daarna gingen we verder. Het probleem was dat niet helemaal duidelijk was hoe de trip in elkaar stak, wat we in welke volgorde zouden gaan doen. We kregen meer en meer de indruk dat onze gids duidelijke trekken van een ADHD’er vertoonde. Een chaoot die serieuze informatie met vreemde grappen afwisselde en als dat allemaal in halfbakken Frenglish gaat, dan geeft dat op de duur geen goed gevoel.

Mirador

Na de cacaoplantage kwamen we op een mooi uitzichtpunt uit over de baai op bijna het uiterste oostelijke puntje van Cuba. Vandaar uit wandelden we richting een kleine nederzetting die al enkele malen tijdens een van de vele tornado’s is weggevaagd door de golven. De overheid heeft deze mensen een andere woonplek aangeboden, maar ze kozen ervoor om toch weer terug te keren naar deze plek. Heel idyllisch, maar gezien de tornado’s , levensgevaarlijk.

Onze gidsen 😉

Naast het mooie uitzicht waren er ook wat grotten waarin we even zijn gaan kijken. Ook een resultaat van een jaarlijks terugkerend zeegeweld.

Natuurlijk was er weer een soort koppelverkoop want op het strand had de gids uiteraard een vriendin die voor een heerlijke lunch kon zorgen. Geen ontkomen aan natuurlijk. Voordat er geluncht werd hadden we nog een boottocht op de rivier de Yumuri tegoed.  Ook die toer stelde niet veel voor, ik kreeg nog zelfs de mogelijkheid om ook nog een stukje te roeien maar met deze spanen en geen ruimte vanwege mijn lange benen werd dat geen succes.

De naam Yamuri komt uit de woorden Yo en Muerto, Ik en dood. De oorspronkelijke bewoners, de Taino Indianen, die op de oostkant van Cuba waren gevestigd, werden door de Spanjaarden van de kliffen in de rivier gedreven en vanwege de grote hoogte uiteraard met de dood als gevolg. Heel triest verhaal. Vanuit welk recht kon zoiets gebeuren destijds. Wat een vreemd superieur gedrag van kolonisten was er mogelijk. Je zou zomaar de vergelijking willen maken met Oekraïne of Gaza. Met dit verschil dat de Oekraïners wel steun krijgen, maar de Gazanen dan weer niet. Bevolking is altijd het slachtoffer. Bizar!

Vervolgens de lunch die bestond hoe kan het ook anders uit vis, wat groenten en rijst. Ze had haar best gedaan en was ook erg gezellig, maar het verliep allemaal nogal chaotisch. We hadden nog de mogelijkheid om te gaan zwemmen, maar we kozen voor de rust en het uitzicht, vooral erg blauw (azul)

Azul

Daarna wilden we eigenlijk maar een ding heelhuids weer terugkeren in Baracoa. Dus werd dezelfde taxi weer opgetrommeld en gingen we weer met een volle bak terug. Waar die medereizigers dan weer vandaan kwamen en of die op onze kosten een gratis reis hadden. Ik weet het niet. Allemaal nogal vaag. Nou ja, een volgend keer iets minder uit de losse pols boeken.


Cuba, van Blackout naar Knock-out?

Gisteren was het Valentijnsdag, en wat ons opviel was dat de kinderen niet naar school hoefden. Het was een extra vakantiedag werd ons verteld, later hoorden we dat de eigenlijke reden een energiebesparing was. Onderstaande artikel is gisteren gepubliceerd op de site van de Belgisch NOS.

Zo langzamerhand zijn we er aan gewend geraakt, maar tegelijkertijd begint het meer en meer te irriteren. Vooral in de avond, pikdonker op straat of op de kamer in de casa met een klein lampje improviseren. Sommige Casa’s hebben een elektrische verwarming voor het warme water. Stroomuitval betekent ook een koude douche! Nu is dat bij een buitentemperatuur van 25 graden gelukkig nog wel vol te houden. Maar zoals gezegd het wordt erg irritant allemaal.

Wat is er gaande? (bron VRT)

Het elektriciteitsnetwerk staat onder druk nadat een belangrijke energiecentrale is uitgevallen. Slechts 6 van de 15 centrales, die draaien op olie, wekken momenteel stroom op. Enkelen werken niet en een ander deel is in onderhoud. Ook de dieselgeneratoren, die normaal de energievoorraad ondersteunen, kunnen niet inspringen door een tekort aan brandstof.

De gevolgen zijn heel goed merkbaar, bij tijd en wijlen worden bepaalde delen van het land afgeschakeld en overdag vinden we het niet zo’n probleem, maar in de avond en ochtend ervaren wij het als erg irritant. Sommige Casa’s hebben al maatregelen genomen en schakelen een aggregaat in. Veel restaurants hebben ook hun eigen aggregaat zodat de business gewoon kan doordraaien.

In kleinere steden en dorpen lag het elektriciteitsnetwerk deze week tot 20 uur lang plat. In de hoofdstad Havana is de impact van de zwakke energievoorziening normaal kleiner, maar deze week lijdt de stad onder de energiecrisis.

Vlak voor vertrek naar Cuba ben ik nog even bij de ANWB winkel binnengelopen en heb een flinke batterypack gekocht. Genoeg voor zes telefoonladingen en voorzien van drie uitgangen. Op de momenten dat er energie is zorg ik ervoor dat de batterypack wordt opgeladen en tijdens een Blackout kunnen we dan toch de telefoons weer opladen.

Tot op heden werkt dit goed, maar de uitval moet niet te lange tijd gaan duren.

De grote vraag is niet of wij het hier redden, dat is helemaal niet het probleem. De vraag is of Cuba het op deze manier gaat redden. De economie raakt steeds verder in verval als werkzaamheden niet kunnen worden uitgevoerd, onderwijs komt in het gedrang als lessen uitvallen, de hele situatie raakt op een hellend vlak.

Als je er met Cubanen over spreekt dan klinkt er frustratie door. 90% van de inkomsten gaan naar de staat, 10% blijft er over voor de mensen zelf. En wat zien ze ervan terug? Te weinig vinden ze zelf. De regering is niet slagvaardig vinden ze en deze energiecrisis is maar het topje van de ijsberg. Er gaan veel meer zaken verkeerd, achterstallig onderhoud van werkelijk alles, wegen, gebouwen, infrastructuur, openbaar vervoer. Het is bewonderenswaardig hoe de Cubanen dit volhouden, maar daarover in een volgende blog meer. De neerwaartse spiraal lijkt niet te stoppen.

Leiden de blackouts niet tot een totale knockout van Cuba?

Nostalgianitus

Ik heb het al eerder benoemd, zo’n reis als deze door een land dat een veel lagere levensstandaard heeft al wij in Nederland op dit moment hebben, leidt tot de nodige nostalgische momenten. Het beste voorbeeld daarvan zijn de befaamde auto’s uit de jaren vijftig van de vorige eeuw. Iedere keer als er een Chevrolet uit dat tijdperk komt aangereden dan komt een bijzonder gevoel naar boven. Zo’n auto in combinatie met de wegen met erg weinig verkeer versterken dat gevoel ook nog. Een gevoel dat ik voorlopig maar even benoem als nostalgische gevoel.

Dat gevoel kwam gisteren ook weer sterk naar boven toen we een wandeling maakten door Baracoa. Een groepje jongens waren aan het vliegeren. Z’n vlieger was zijn staart verloren en was naar beneden gekomen waardoor het vliegertouw over de stroomdraden was komen te liggen. Ik kon het niet laten hem even uit de brand te helpen en de staart eraan te knopen en de vlieger weer op te laten. Een zelfgemaakt exemplaar zoals we die vroeger thuis ook maakten. Deze was wellicht nog minder geavanceerd en gemaakt van allerlei restmateriaal. Daar was het weer dat gevoel!

Inmiddels alweer bijna 2 weken geleden waren we op een tabaksplantage en kreeg ik eindelijk inzicht hoe een sigaar gemaakt wordt. Pa rookte sigaren in mijn jeugdjaren, niet van deze dikke “havanna’s” maar de Nederlandse merken zoals Agio (uit Duizel) en WillemII. Ik was destijds een verwoede verzamelaar van de sigarenbandjes en was aardig op de hoogte van eenvoudige en de dure merken. Heerom had altijd een sterke voorkeur voor de duurste die Pa in voorraad had.

Wat ook het nostalgische gevoel oproept is de spelende kinderen op straat, op pleintjes voor de kerk of op een braakliggend veldje waarop dan van die zelfgetimmerde doeltjes zijn neergezet, met een kenmerkende kale plek voor het doel.

In de speeltuinen die hier zijn zie ook echt kinderen spelen op de weinige speelwerktuigen die er staan. In Nederland zie je er hooguit pubers rondhangen. De verklaring? Ik blijf hem schuldig.

Vandaag op excursie geweest en we zijn daarbij op een kleine cacao plantage gaan kijken en kregen uitleg hoe chocolade wordt gemaakt. Over dat proces nooit zo nagedacht en ook nooit in beeld gehad. Ik heb zelfs ook nooit de vrucht gezien en het ruwe vruchtvlees geproefd.

De “Cacao princess” heeft in keurig espanglish ons het hele proces op interactieve manier duidelijk gemaakt. We mochten niet alleen de tussenproducten proeven, maar ook het eindresultaat: een bonbon met honing. Een blik in de plantage deden me weer terugkeren naar mijn jeugdjaren en kreeg beelden terug van de oude boomgaard aan de Bult.

Gisterenavond waren we te vroeg bij het restaurant, het was nog niet open en dus moesten we een klein uurtje stukslaan. Op het plaatselijke plein was het ondanks de zoveelste blackout een drukte van belang. We hebben ook maar een van de weinige vrije bankjes opgezocht en hebben genoten van wat zich daar allemaal afspeelt. Uiteraard zitten er  -ook hier- veel  mensen op hun telefoon. Maar mensen maken ook een praatje met elkaar, flaneren wat, tonen hun nieuwste aanwinst en halen wat versnaperingen op die door een handige jongeman daar worden verkocht. Een heerlijke sfeer, die ook wel wat nostalgische aandoet.

Zo zijn er nog veel meer situaties die dat bijzondere gevoel oproepen, de diversiteit in het verkeer, de stalletjes met specifieke waren, de specialist die zijn waren (uien, cassave, tomaten etc.)  langs de huizen rondbrengt en luidroepend aanprijst. Het is eigenlijk teveel om hier allemaal de revue te laten passeren, maar het gevoel komt telkens weer op. Ik heb deze reis geloof ik een nostalgisch virus opgelopen. Nostalgianitus.

Niet ernnstig, gaat van zelf weer over als je terugkeert in de Westerse wereld werd mij verteld.


Van A naar B

We hebben inmiddels zo’n beetje heel Cuba bereisd, want we zijn inmiddels helemaal aan het oosten van Cuba beland. De plek, ik heb het al eerder genoemd, waar Columbus aan land is gekomen tijdens een van zijn legendarische ontdekkingreizen. We zijn weliswaar niet helemaal in het uiterste westen geweest maar een afstand van hemelsbreed 1000km van ruim 1300km die Cuba langgerekt is, hebben we wel overbrugd.

Hoe kom je van A naar B? Die vraag en de belevenissen die we daarbij hebben meegemaakt komen in deze blog post aan de orde. Het gaat voornamelijk over de Taxi 🚕

Naast de kenmerkende okergeel kleur is een andere kenmerkende eigenschap dat taxi’s altijd op tijd zijn. Dat is tegenstrijdig aan de Cubaanse mentaliteit. Er wordt gekscherend gesproken “over 5 minuten” in Cuba norm betekent dat, houd rekening met een klein half uurtje voor het zover is. Alleen de eerste dagen naar en terug van Vinales hebben we dezelfde chauffeur gehad. De andere keren was het telkens een chauffeur die ergens halverwege de te overbruggen afstand woonde.

Zo kan het gebeuren dat we halverwege de route een tussenstop maken in de woonplaats om nog weer eens een document op te halen. Want er zijn blijkbaar de nodige papieren vereist om hier in een taxi door het land te kunnen rijden. Vandaag gingen we niet naar het huis van de taxidriver voor de papieren, maar om even te tanken. Terwijl wij een koffie kregen aangeboden van zijn vrouw haalde hij een jerrytank van 40 liter diesel uit het schuurtje en vulde daarmee zijn tank. Ik vermoed dat dit  weer een onderhandse constructie is om staatsbemoeienis en bijbehorende kosten te ontlopen.

Ik weet ook eigenlijk niet of het taxibedrijf een staatsbedrijf is waarin zij zijn georganiseerd, maar ik verwacht eigenlijk van wel. Van de andere kant zijn de gele taxi’s niet universeel qua merk. We hebben diverse merken mogen ervaren en ook van verschillende leeftijden. Hyundai, VW, en MG. De minste was een VW Jetta waarin de bestuurder maar ternauwernood paste. Toen we met hem in bergachtiggebied een helling moesten nemen mislukte dat glansrijk. En dus moesten we in de achteruit om vervolgens met een aanloopje de helling te nemen. Met kromme tenen en toegeknepen billen hebben we het gehaald.

Ik heb al eerder vermeld dat er controleposten zijn. Die zijn goed aangegeven en de chauffeurs houden zich allemaal strikt aan de snelheid 20k.! Ook hun rijgedrag bij het inhalen van langzaam verkeer is zeer gedisciplineerd. Ze blijven er keurig achter in geval van tegenliggers of onoverzichtelijke bochten. Bij het kruisen van een spoorlijn wordt afgeremd tot bijna stilstand, wordt links en rechts gekeken of er wellicht toch een trein komt. Terwijl ik inschat dat het al heel erg lang geleden is dat deze rails een trein mocht ervaren. Vervolgens wordt de rails “genomen”, en die actie vereist ook wel een heel voorzichtige benadering, alsof er geen wegdek meer is.

Het langzame verkeer is hier heel divers. Alles  wat ik uit mijn vroege jeugdjaren ken, rijdt hier nog rond, een kleine greep: een platte kar met ossen, paard of ezel als aandrijving, maar ook koetsen en mini huifkarren voor personenvervoer. Verder ook de door mens aangedreven rijtuigen, fietskarren, fietsen, riksja’s. Tenslotte nog brommers, scooters, ijzeren honden, motoren waarvan de eerste ook in een elektrische uitvoeringen. Naar verhouding verrassend veel.

Dat allemaal beweegt zich voort over meestal een 2-baans weg meestal voorzien van de nodige putholes die je wel wilt missen. En dus ontstaan er vreemde moves zo af en toe. Kortom het reizen van A naar B is niet zo heel eenvoudig.

Het verkeer in de stadjes en dorpen is vooral in de ochtend levendig tot druk. Om de doorgaande wegen is relatief weinig verkeer en daar kan je aardig vaart maken mits het wegdek dat ook mogelijk maakt.

Over hoe slecht het wegdek kan zijn, dat hebben we vandaag ervaren. Over de laatste 100km hebben we ongeveer 3 uur gedaan. Grote gaten in het weinige asfalt dat er was. Wellicht achterstallige onderhoud, maar een paar maanden geleden waren hier nog volop overstromingen. Het een zal zeker te maken hebben met het ander.

Het was een lange reis vandaag met onderweg een lunchpauze. Het enige dat er te kiezen was, was het nationale gerecht “pollo con arroz” kip met rijst.

De toeschouwers keken verlekkerd toe.

Uiteindelijk bij het ondergaan van de zon bereikten we Baracoa, dat moest volgens de chauffeur even worden vastgelegd.

In het donker onze casa gevonden en we waren net aan het bijkomen op het terras met een biertje toen al het licht verdween. De zoveelste black-out. Maar tot onze verbazing hebben ze weer de schakelaar weer teruggezet.

Het is hier lekker luchtig weer met een briesje uit zee. Heeeeerlijk. Gewoon nu even chillen het verkennen van het stadje doen we morgen wel.