Cuba en de Cubanen

Als er ergens in de wereld een multiculturele samenleving vredig samenleeft dan moet het wel hier in Cuba zijn. De Cubaanse bevolking is een samenstelling van de kolonisten uit met name Spanje, maar ook wat Fransen en Duitsers, een grote groep tot slaaf gemaakten zwarte mensen voornamelijk afkomstig uit Nigeria en Congo en een kleine groep van oorspronkelijke bewoners afkomstig uit Zuid en Midden Amerika waaronder de Taino stam.

Deze totaal verschillende bevolkingsgroepen zijn inmiddels al behoorlijk vermengd en naar ik begrepen heb is er geen sprake van racisme of discriminatie. Een land dus vol import van rassen en culturen en zonder vooroordelen met elkaar samenleeft.

Wat valt er verder op als je de Cubanen observeert of beoordeelt? Hier een uitgebreide samenvatting.

De mensen zijn zeer vriendelijk, de gastheren en gastvrouwen waren stuk voor stuk hele lieve en zorgzame mensen. Deden er alles aan om het naar de zin te maken. Bij de meeste Casa’s was er vaak ook sprake van een vrouw die voor het ontbijt of mogelijk het diner zorgden. Ook zij waren heel vriendelijk en servicegericht. In veel gevallen waren ze niet de Engelse taal machtig, maar dat maakte de situatie alleen maar leuker.

In de ochtend zijn de Cubanen allemaal al vroeg op straat te vinden, op zoek naar de dagelijkse levensbehoeften. En helaas die zijn nogal spaarzaam. Dus zie ’s morgens rijen voor een winkel of stalletje staan. Voor brood, voor vlees of vis. Of voor geld! Ook bij de bank of bij de spaarzame geldmaat zie lange rijen wachtende mensen. Het maakt op mij wel een trieste indruk.

Hier zijn geen grote AH’s of Jumbo’s met een enorme sortering van dagelijkse producten, maar hier vind je heel gerichte aanbieders. Een leverancier voor brood, een voor groente, een voor fruit, een voor vis, etc.en die komen allemaal gewoon naar je toe, met een handkar gaan ze door de straten. Als je in een grote (staats) winkel komt zie je vooral veel van hetzelfde. Heel veel flessen rum, maar geen flessen water, heel veel pakken sapjes en blikjes bier en daarnaast ook heel veel lege schappen. Triest beeld. Nog triester als je in een farmacie naar binnen kijkt, daar is de leegte troef. Aan medicamenten is een groot tekort, arme mensen spreken toeristen aan met de vraag of je aspirine of paracetemol over hebt. Wij waren van tevoren geïnstrueerd en hadden dus een klein dozijn meegenomen om te kunnen uitdelen.

Over wonen. Cubanen wonen vooral op of aan de straat. ’s Avonds als ze thuis zijn zitten ze in de deuropening op de stoep en maken een praatje met zij‐ of overburen, of zitten (ja ook hier dus) op hun smartphone! Dat laatste past volgens mij eigenlijk helemaal niet bij de Cubaanse cultuur. De mensen met een wat groter huis zitten op hun veranda en dan is de stoel waarin ze zitten een schommelstoel. Die zijn hier onderdeel van de cultuur: heb je een veranda dan staan daar een ov twee schommelstoelen.

Overigens is het zitcomfort van de gemiddelde stoel in Cuba belabberd. Stoelen op terrassen in de stad, maar ook schommelstoelen zijn vaak uitgevoerd in gietstaal en een kussen is er echt niet te vinden. Ook stoelen binnen in de restaurants zijn van hout en de leuning is kaarsrecht, ook daar houd je het niet zo lang uit.

Is het het communistische systeem of is het de caraibische mentaliteit dat de Cubanen een bijna lethargisch indruk maken. Als ik een vergelijking maak met bijvoorbeeld het Indonesisch volk dan zijn er wel wat overeenkomsten zoals het klimaat en de levensstandaard, maar bij Indonesiërs zie je toch veel meer ambities en actief gedrag. Van het communisme is bekend dat de prikkel om meer inzet te vertonen wordt weggenomen, wellicht is dat toch de belangrijkste reden.

De Cubanen zijn natuurlijk kampioen in duurzaamheid! Nergens ter wereld zie je dat de oude spullen in stand gehouden of hergebruikt worden als hier. Bovenal in de lijst staat natuurlijk de “classic cars”, maar ook de ossenkar, paard en wagen in talloze uitvoeringen zie je hier volop. In sommige steden is wel veel gemotoriseerd verkeer, maar in een stad als Santiago de Cuba was er heel weinig verkeer. Geen geparkeerde auto’s en iedereen wandelt over straat. Heel gezellig allemaal.

Hier in de oude binnenstad van Habana waar onze Casa is, zie je ook weinig auto’s rijden. Veel fietstaxi’s die je door de binnenstad kunnen brengen. Buiten Habana is wel wat meer gemotoriseerd verkeer. De straten hier in de oude stad zijn erg smal en erg slecht van kwaliteit. Daarnaast staan er op bepaalde straathoeken een soort van containers opgesteld voor het vuilnis. Het probleem is echter dat die niet frequent geleegd worden waardoor er zich een enorme vuilnisbelt ontwikkelt met alle gevolgen vandien. Geen Cubaan die zich daar druk om lijkt te moeten maken. De straat wordt smerig en daardoor ontstaat er ook veel zwerfvuil. Soms zie je een vlijtige Cubaanse de stoep en soms ook de straat schoonmaken.

Tenslotte de muziek en de dans. De spirit van Cuba. Volgens mij de verbindende factor in de samenleving. In alle variaties, van het aloude quantanamera tot aan de moderne gangster rap. De ritmes van Cuba zijn fascinerend. Voor mij ook een belangrijk motivator om er een keer naar toe te gaan. Daar heb ik ook zeker volop van genoten.

Al met al vind ik Cuba een heel bijzonder land, een land dat heel veel rijkdom heeft gekend, zeker hier in Habana. Echt plaatjes van gebouwen en dito gevels, maar hoelang blijft dit nog overeind. Er staat heel veel bouwval tussen en er wordt heel weinig gerenoveerd. De infrastructuur kraakt in alle voegen, uitval van energie, slechte wegen, openbaar vervoer is krakkemikkig, etc.   Dat lijkt niet zo lang meer goed te kunnen gaan.


Maar ja het land heeft geen geld, er zijn geen grote verdiensten uit industrie of landbouw, terwijl het klimaat en er op deze vruchtbare bodem toch heel veel mogelijk zou moeten zijn. Daar heb je echter investeerders voor nodig en die komen niet uit het eigen volk, dat moet uit het buitenland komen. En dat staat het communistisch regiem echter niet toe. Kortom het land heeft een groot probleem dat onoplosbaar lijkt. Het land zit in een neerwaartse spiraal en de grote vraag is hoe dat te doorbreken.


Where are you from?

We zijn weer terug in Habana. Twee wachten op de luchthaven, dan anderhalf uur vliegen vanaf Santiago en dan een vervolgens 3 kwartier op je koffer en een half uur op de taxi die bij de verkeerde Terminal op ons stond te wachten.

Bij aankomst nergens meer eten te krijgen dus de maaltijd maar overgeslagen en onder het Lake gekropen.

De komende dagen nog alle gelegenheid om Habana verder te ontdekken. En dan vooral die mooie klassieke gebouwen uit eind 19e eeuw. Zoals de Cubaanse KvK, waar we helaas niet naar binnen mochten.

Het historische museum van Habana is ook zo’n schitterend gebouw en was wel toegankelijk, maar dan kom je toch weer een beetje bedrogen uit. Want wat blijkt, op de bovenste verdieping wordt onderhoud gepleegd en is niet toegankelijk. Maar…. Dat vertellen ze je niet als je het ticket koopt. En als je dan achteraf wat van zegt, dan krijg je opmerking dat zij het ook niet kunnen helpen.. 🤔

Natuurlijk ook veel kerken, want Cuba is ook behoorlijk katholiek. Een erfenis van de kolonisten, maar deze kerken zijn niet zo overdadig ingericht als wat je in Spanje tegenkomt.

Maar om terug te komen op de titel. “where are you from” dat is de manier waarop je, de toerist, wordt aangesproken. De ijsbreker zeg maar! Als je op de vraag ingaat heb je een gesprekje in Spainlish en krijg je afhankelijk waar je loopt van alles aangeboden: de best food, lobsters as big as you, best price, nice atmosphere, good music of als je dat allemaal afslaat komt de volgende categorie; very good rum, the best, real Habana cigars of  change money sir, 320 pesos for your dollar or euro. Dit zijn de echte handelaren of runners om klanten het restaurant in te krijgen.

Er is ook nog een ander soort categorie die een minder duidelijke missie uitventen. Ze knopen met het onvermijdelijk “where are you from” een praatje aan met je, geven je de informatie die je hen dan vraagt of die ze zelf aan je kwijt willen. Daarmee ga je gemakkelijk in de fout, want als ze met je mee gaan lopen dan kom je er weer heel lastig van af. Vervolgens maak je hem of haar duidelijk dat je het alleen wel red. Dan komt op het allerlaatste moment de vraag of je wat over hebt voor ze, om melk te kopen voor de jonge dochters of medicijnen voor de oude moeder.

Je denkt op niveau van gelijkwaardigheid een leuke conversatie of informatieuitwisseling te hebben en ineens is er het grote verschil. Jij bent rijk, kan je dit allemaal permitteren en ik ben arm en moet veel problemen overwinnen. Dus….. Over de brug ermee!

Je kan het voor zijn door tijdig een fooitje te geven of een drankje met een bedankje, maar zelfs dan krijg je het verzoek of je even een maandsalaris wil doneren, want het is allemaal zo lastig in Cuba op dit moment. Hoge inflatie enzo.

Dat overkwam ons gisteren. Ondanks het feit dat deze aardige vrouw ons prima geholpen heeft bij het verkrijgen van tickets van een “Gran Concierto” trapten we er weer in. 

Als dank hebben we haar getrakteerd op een “fresh Cuban” cocktail. Zij wist daar een uitstekend kroegje voor. Leuk denk je. Dan raak je weer gezellig in gesprek, je geeft haar je laatste doosje Paracetemol (we hadden een klein dozijn meegenomen om uit te delen) en ze is erg dankbaar. Mooi denk je. Goed aangepakt dit keer. Dan ga je afrekenen, blijken de cocktails flink aan de prijs te zijn in dit speciale kroegje. Ik verdenk ze van een lokale en een internationale prijslijst. Nou ja, OK klaar. We nemen afscheid en dan…. Nee he, niet weer zo’n vraag 🙁

Maar het concert was hartstikke leuk, we hadden een fantastische avond en hebben de wrange smaak met Mojito’s en water weggespoeld. Hebben ook nog even de Salsa lessen in de praktijk kunnen brengen.



Fidel

Zeg je Cuba, zeg je Fidel Castro. Gisteren en vandaag kwamen we de relikwieën van zijn bestaan tegen. Hoogste tijd om een blog post aan Fidel te wijden.

Bron Wikipedia

Fidel is opgegroeid in Santiago, en daar is ook een mausoleum ingericht. Dat is ook de reden dat we ons de afgelopen dagen ons verder hebben verdiept in de revolutionaire leider van Cuba. Fidel is in 1926  geboren in Biran, dat ligt in het gebergte ten noorden van Santiago en is de zoon van een Spaanse boer. Op 6 jarige leeftijd is hij samen met ouderd en zus naar Santiago verhuisd.

We hebben het ouderlijke huis kunnen bezoeken.

En hebben ook de basisschool gezien waar hij de eerste stappen tot wijsheid heeft gezet. Tegenover zijn geboortehuis is een museum ingericht waarin een overzicht wordt gegeven van de verovering gie ingezet zijn in ZO Cuba en verder richting Havanna hebben gevoerd. 

Bron Copilot

Op 26 juli 1953 vond de aanval op de Moncada-kazerne in Santiago de Cuba plaats. Deze aanval werd geleid door Fidel Castro en zijn groep revolutionairen, en was bedoeld om het regime van dictator Fulgencio Batista omver te werpen. Hoewel de aanval mislukte en veel van Castro’s volgelingen werden gedood of gevangengenomen, markeerde het een belangrijk moment in de Cubaanse Revolutie. De aanval op de Moncada-kazerne wordt beschouwd als het begin van de revolutionaire beweging die uiteindelijk leidde tot de omverwerping in 1959 van de toenmalige leider Batista.

Deze mislukte, maar de tweede actie die in 1956 is ingezet vanuit Mexico vanwaar hij opnieuw Cuba samen met zijn broer Raúl en Ernesto “Che” Guevara en een heel beperkte groep soldaten nabij Santiago is binnengevallen

Bron Copilot

De landing was chaotisch en de groep werd snel ontdekt door de troepen van Batista. Slechts een handvol rebellen, waaronder Fidel, Raúl en Che, overleefden de eerste confrontaties en vluchtten naar de Sierra Maestra-bergen. Daar begonnen ze een guerrillaoorlog tegen het regime van Batista, die uiteindelijk leidde tot de overwinning van de revolutionairen en de omverwerping van Batista op 1 januari 1959.

De onderstaande kaart geeft daar een beeld van.

Een bijna hopeloze actie, maar die met behulp van steeds meer medestanders uiteindelijk toch succesvol is gebleken.

Jammer dat het verhaal in het museum alleen maar in het Spaans is beschreven. Maar de plaatjes en alle attributen geven toch wel een goede indruk hoe dat er allemaal aan toe is gegaan.

Gisteren hebben we een bezoek gebracht aan het mausoleum van Fidel.

Een ereplek op een enorme begraafplaats waar de finefleur van Cuba ligt begraven. Het is een immens grote begraafplaats met heel veel wit marmer. Het ene graf is nog pontificaler dan het andere. De voorvaderen en stichter van het Rum imperium Bacardi is er ook te vinden.

Uiteraard is er een uitgebreide wacht aanwezig en toen wij er waren werd die met veel ceremonie gewisseld. Hier zijn de paden aangelegd met wit marmer en worden de nodige militaire inzet gepleegd als eerbetoon. Dat is mooi natuurlijk maar het is echt overdone, het geld zou beter besteed kunnen worden.

Als bezoeker moet je je uiteraard wel aan de regels houden, maar die kenden we dus niet . Daar werden we door andere toezichthouders fijntjes op attent gemaakt. Niet over het gras, niet op het marmer bij de wacht en natuurlijk hoed af als je bij de steen van Fidel gaat kijken. Wederom een nostalgisch gevoel, behandeld worden als een kleine jongen.

Gisterenavond, in het pikkedonker, dankzij weer een blackout, naar een restaurant gelopen. Ik moet zeggen dat is toch wel behoorlijk avontuurlijk. Later op de avond was  er weer ergens een schakelaar overgehaald en  konden we nog even naar het plein der pleinen

Santiago de Cuba is ondanks de geschiedenis die hier ligt over Fidel niet heel toeristisch. Het is een van de betere steden die we hebben bezocht. Redelijk schoon, redelijke goede wegen, rustige straten en heel veel muziek. Vanmorgen kwam ik mijn vriend uit het café weer tegen, nu spelend op straat. Zonder het te vragen werd Chan Chan ten gehore gebracht.

Mocht nog even met bassist op de foto. Geweldig. Mijn dag was alweer geslaagd.


Santiago de Cuba

Gisteren in deze plaats aan de zuidkust van Cuba aangekomen. Via een schitterende rit zijn we de Oostpunt overgestoken. Mooie route, een goede rustige chauffeur en een redelijk wegkwaliteit met fraaie uitzichten.

Binnen een uur werd een mooi contrast tussen noordzijde, met het regenwoud, en de zuidzijde duidelijk.

Ook werd ons nog een verre blik gegeven op een vreemd stukje Amerika, nl. Quantanamo bay. De befaamde locatie waar de Amerikanen de terroristen van 911 hebben ondergebracht. Naar ik begrepen heb (cfr.org) zitten er nog 15 van de vermeende daders aldaar gevangen. 

Een kwartiertje later zijn we in het Cubaanse Quantanamo voor een plas- annex koffiepauze. Wat ons opvalt is dat dit stadje aanzienlijk rijker is dan bijvoorbeeld Baracoa. Ik vermoed dat dit voortkomt uit het feit dat dat de inwoners diensten verlenen aan de Amerikanen en daar relatief veel inkomsten uit weten te halen. Waardoor de plaatselijke economie een boost heeft gekregen.

Na aankomst in Santiago installeren we ons in een deftig herenhuis nabij het centrum. Een heel aardige kerel is de host en hij woont er tezamen met zijn vader, ook een vriendelijke en montere man en zijn moeder die duidelijk aan het dementeren is.

In de middag ga ik alleen op verkenning uit omdat Gerda niet helemaal fit is en graag wat rust neemt. De eerste indruk van Santiago is goed, ook hier aardig opgeruimd, redelijke huizen en lage straten, je ziet er heel weinig auto’s. Met als gevolg veel wandelende inwoners die daar de straat voor gebruiken, uiteraard aan de schaduwzijde want de zon laat zich gelden zo in de middag.

Op het kruispunt van onze straat en de autovrije wandelstraat kom ik de eerst straatmuzikanten tegen. Even van genieten. Het heeft wat weg van New Orleans, maar dan hier op z’n Cubaans. Oudere mensen en uiteraard geen jazz of blues, maar Salsa en Son. Mooie ritmes en heerlijk relaxed.

Op het mooie plein met kathedraal, een hotel en nog wat andere overheidsgebouwen komt het geluid van nog meer Cuban Music naar mij toe. In het Casa de la Trova swingt het heerlijk en natuurlijk laat ik me verleiden naar binnen te gaan

Ik kom aan de praat met twee bijzondere figuren, geef ze een biertje en maak daarmee vrienden. Onze rastaman leert me de ritmes, maar ik blijf hardleers. Dat levert de nodige hilariteit op.

Kortom een gezellig uurtje dat werd afgemaakt door het bekende Chan Chan.

Mijn middag kon niet meer stuk. Heerlijk.


Yumuri

Gisteren een excursie gedaan naar Yumuri. Een stukje in de richting van het meest oostelijke deel van Cuba. Van ons contactpersoon in Cuba kregen we het advies om vanuit Baracoa een bezoek te brengen aan een van de rivieren in het tropisch regenwoud. Het boeken van de trip was al een bijzonder avontuur. We hadden de trip afgesproken met een zekere Luis voor €25 pp. all inclusive. Achteraf gezien wat voorbarig, want later in het dorp kregen we meerdere keren eenzelfde aanbod. We hadden ook op onze tocht naar het archeologisch museum gisteren een ander aanbod van €30 maar deze man sprak uitstekend Engels. Achteraf was dat denk ik een betere keus geweest. Waarom wordt in deze blogpost wel duidelijk.

De afspraak met Luis was nogal vaag. Eerst was de tijd 9u, later werd dat 10u en ook de locatie was niet helder. Bij de kerk of op de eerste plek.

Dus zijn we om half 10 op zoek gegaan naar Luis ergens in het centrum. Maar geen Luis. Inmiddels werden we door een andere gids Ernesto aangesproken, hij kon ons ook een dergelijke trip aanbieden. We zeiden als Luis zich om 10u niet meldt dan gaan we met jou in zee. Zo gezegd zo gedaan! Geen Luis ,dan maar Ernsto. Maar op het moment  dat we met Ernesto naar de taxi liepen meldde Luis zich bij me. Heftig gesticulerend en in rap Spaans probeerde hij mij duidelijk te maken dat dit geen stijl was. Hij had al een taxi geregeld en daarvoor 2000 pesos voorgeschoten, als ik hem tenmiste mocht geloven. Hij eiste geld van mij. Nou, jammer dan Luis moet je maar op tijd zijn en duidelijke afspraken maken. Hij bleef zeuren terwijl wij in de taxi stapten. Ik geloof dat Ernesto hem 200 pesos als goedmakertje heeft toegeschoven. Maakt niet uit verder we gingen op stap.

We mochten voor in de taxi zitten, nou ja taxi, een jeep uit de vorige eeuw uiteraard met achterin nog een stuk of 6 medepassagiers. Opgeknoopt op de voorbank vroegen we onszelf af in welk avontuur we nu weer waren beland. Via de buitenwijken van Baracoa kwamen we aan bij het eerste item van onze excursie, een cacao plantage.

Cacoaplant

De sessie op de cacao farm was informatief en verder prima. Veel van opgestoken zoals al eerder vermeld. Daarna gingen we verder. Het probleem was dat niet helemaal duidelijk was hoe de trip in elkaar stak, wat we in welke volgorde zouden gaan doen. We kregen meer en meer de indruk dat onze gids duidelijke trekken van een ADHD’er vertoonde. Een chaoot die serieuze informatie met vreemde grappen afwisselde en als dat allemaal in halfbakken Frenglish gaat, dan geeft dat op de duur geen goed gevoel.

Mirador

Na de cacaoplantage kwamen we op een mooi uitzichtpunt uit over de baai op bijna het uiterste oostelijke puntje van Cuba. Vandaar uit wandelden we richting een kleine nederzetting die al enkele malen tijdens een van de vele tornado’s is weggevaagd door de golven. De overheid heeft deze mensen een andere woonplek aangeboden, maar ze kozen ervoor om toch weer terug te keren naar deze plek. Heel idyllisch, maar gezien de tornado’s , levensgevaarlijk.

Onze gidsen 😉

Naast het mooie uitzicht waren er ook wat grotten waarin we even zijn gaan kijken. Ook een resultaat van een jaarlijks terugkerend zeegeweld.

Natuurlijk was er weer een soort koppelverkoop want op het strand had de gids uiteraard een vriendin die voor een heerlijke lunch kon zorgen. Geen ontkomen aan natuurlijk. Voordat er geluncht werd hadden we nog een boottocht op de rivier de Yumuri tegoed.  Ook die toer stelde niet veel voor, ik kreeg nog zelfs de mogelijkheid om ook nog een stukje te roeien maar met deze spanen en geen ruimte vanwege mijn lange benen werd dat geen succes.

De naam Yamuri komt uit de woorden Yo en Muerto, Ik en dood. De oorspronkelijke bewoners, de Taino Indianen, die op de oostkant van Cuba waren gevestigd, werden door de Spanjaarden van de kliffen in de rivier gedreven en vanwege de grote hoogte uiteraard met de dood als gevolg. Heel triest verhaal. Vanuit welk recht kon zoiets gebeuren destijds. Wat een vreemd superieur gedrag van kolonisten was er mogelijk. Je zou zomaar de vergelijking willen maken met Oekraïne of Gaza. Met dit verschil dat de Oekraïners wel steun krijgen, maar de Gazanen dan weer niet. Bevolking is altijd het slachtoffer. Bizar!

Vervolgens de lunch die bestond hoe kan het ook anders uit vis, wat groenten en rijst. Ze had haar best gedaan en was ook erg gezellig, maar het verliep allemaal nogal chaotisch. We hadden nog de mogelijkheid om te gaan zwemmen, maar we kozen voor de rust en het uitzicht, vooral erg blauw (azul)

Azul

Daarna wilden we eigenlijk maar een ding heelhuids weer terugkeren in Baracoa. Dus werd dezelfde taxi weer opgetrommeld en gingen we weer met een volle bak terug. Waar die medereizigers dan weer vandaan kwamen en of die op onze kosten een gratis reis hadden. Ik weet het niet. Allemaal nogal vaag. Nou ja, een volgend keer iets minder uit de losse pols boeken.


Cuba, van Blackout naar Knock-out?

Gisteren was het Valentijnsdag, en wat ons opviel was dat de kinderen niet naar school hoefden. Het was een extra vakantiedag werd ons verteld, later hoorden we dat de eigenlijke reden een energiebesparing was. Onderstaande artikel is gisteren gepubliceerd op de site van de Belgisch NOS.

Zo langzamerhand zijn we er aan gewend geraakt, maar tegelijkertijd begint het meer en meer te irriteren. Vooral in de avond, pikdonker op straat of op de kamer in de casa met een klein lampje improviseren. Sommige Casa’s hebben een elektrische verwarming voor het warme water. Stroomuitval betekent ook een koude douche! Nu is dat bij een buitentemperatuur van 25 graden gelukkig nog wel vol te houden. Maar zoals gezegd het wordt erg irritant allemaal.

Wat is er gaande? (bron VRT)

Het elektriciteitsnetwerk staat onder druk nadat een belangrijke energiecentrale is uitgevallen. Slechts 6 van de 15 centrales, die draaien op olie, wekken momenteel stroom op. Enkelen werken niet en een ander deel is in onderhoud. Ook de dieselgeneratoren, die normaal de energievoorraad ondersteunen, kunnen niet inspringen door een tekort aan brandstof.

De gevolgen zijn heel goed merkbaar, bij tijd en wijlen worden bepaalde delen van het land afgeschakeld en overdag vinden we het niet zo’n probleem, maar in de avond en ochtend ervaren wij het als erg irritant. Sommige Casa’s hebben al maatregelen genomen en schakelen een aggregaat in. Veel restaurants hebben ook hun eigen aggregaat zodat de business gewoon kan doordraaien.

In kleinere steden en dorpen lag het elektriciteitsnetwerk deze week tot 20 uur lang plat. In de hoofdstad Havana is de impact van de zwakke energievoorziening normaal kleiner, maar deze week lijdt de stad onder de energiecrisis.

Vlak voor vertrek naar Cuba ben ik nog even bij de ANWB winkel binnengelopen en heb een flinke batterypack gekocht. Genoeg voor zes telefoonladingen en voorzien van drie uitgangen. Op de momenten dat er energie is zorg ik ervoor dat de batterypack wordt opgeladen en tijdens een Blackout kunnen we dan toch de telefoons weer opladen.

Tot op heden werkt dit goed, maar de uitval moet niet te lange tijd gaan duren.

De grote vraag is niet of wij het hier redden, dat is helemaal niet het probleem. De vraag is of Cuba het op deze manier gaat redden. De economie raakt steeds verder in verval als werkzaamheden niet kunnen worden uitgevoerd, onderwijs komt in het gedrang als lessen uitvallen, de hele situatie raakt op een hellend vlak.

Als je er met Cubanen over spreekt dan klinkt er frustratie door. 90% van de inkomsten gaan naar de staat, 10% blijft er over voor de mensen zelf. En wat zien ze ervan terug? Te weinig vinden ze zelf. De regering is niet slagvaardig vinden ze en deze energiecrisis is maar het topje van de ijsberg. Er gaan veel meer zaken verkeerd, achterstallig onderhoud van werkelijk alles, wegen, gebouwen, infrastructuur, openbaar vervoer. Het is bewonderenswaardig hoe de Cubanen dit volhouden, maar daarover in een volgende blog meer. De neerwaartse spiraal lijkt niet te stoppen.

Leiden de blackouts niet tot een totale knockout van Cuba?

Nostalgianitus

Ik heb het al eerder benoemd, zo’n reis als deze door een land dat een veel lagere levensstandaard heeft al wij in Nederland op dit moment hebben, leidt tot de nodige nostalgische momenten. Het beste voorbeeld daarvan zijn de befaamde auto’s uit de jaren vijftig van de vorige eeuw. Iedere keer als er een Chevrolet uit dat tijdperk komt aangereden dan komt een bijzonder gevoel naar boven. Zo’n auto in combinatie met de wegen met erg weinig verkeer versterken dat gevoel ook nog. Een gevoel dat ik voorlopig maar even benoem als nostalgische gevoel.

Dat gevoel kwam gisteren ook weer sterk naar boven toen we een wandeling maakten door Baracoa. Een groepje jongens waren aan het vliegeren. Z’n vlieger was zijn staart verloren en was naar beneden gekomen waardoor het vliegertouw over de stroomdraden was komen te liggen. Ik kon het niet laten hem even uit de brand te helpen en de staart eraan te knopen en de vlieger weer op te laten. Een zelfgemaakt exemplaar zoals we die vroeger thuis ook maakten. Deze was wellicht nog minder geavanceerd en gemaakt van allerlei restmateriaal. Daar was het weer dat gevoel!

Inmiddels alweer bijna 2 weken geleden waren we op een tabaksplantage en kreeg ik eindelijk inzicht hoe een sigaar gemaakt wordt. Pa rookte sigaren in mijn jeugdjaren, niet van deze dikke “havanna’s” maar de Nederlandse merken zoals Agio (uit Duizel) en WillemII. Ik was destijds een verwoede verzamelaar van de sigarenbandjes en was aardig op de hoogte van eenvoudige en de dure merken. Heerom had altijd een sterke voorkeur voor de duurste die Pa in voorraad had.

Wat ook het nostalgische gevoel oproept is de spelende kinderen op straat, op pleintjes voor de kerk of op een braakliggend veldje waarop dan van die zelfgetimmerde doeltjes zijn neergezet, met een kenmerkende kale plek voor het doel.

In de speeltuinen die hier zijn zie ook echt kinderen spelen op de weinige speelwerktuigen die er staan. In Nederland zie je er hooguit pubers rondhangen. De verklaring? Ik blijf hem schuldig.

Vandaag op excursie geweest en we zijn daarbij op een kleine cacao plantage gaan kijken en kregen uitleg hoe chocolade wordt gemaakt. Over dat proces nooit zo nagedacht en ook nooit in beeld gehad. Ik heb zelfs ook nooit de vrucht gezien en het ruwe vruchtvlees geproefd.

De “Cacao princess” heeft in keurig espanglish ons het hele proces op interactieve manier duidelijk gemaakt. We mochten niet alleen de tussenproducten proeven, maar ook het eindresultaat: een bonbon met honing. Een blik in de plantage deden me weer terugkeren naar mijn jeugdjaren en kreeg beelden terug van de oude boomgaard aan de Bult.

Gisterenavond waren we te vroeg bij het restaurant, het was nog niet open en dus moesten we een klein uurtje stukslaan. Op het plaatselijke plein was het ondanks de zoveelste blackout een drukte van belang. We hebben ook maar een van de weinige vrije bankjes opgezocht en hebben genoten van wat zich daar allemaal afspeelt. Uiteraard zitten er  -ook hier- veel  mensen op hun telefoon. Maar mensen maken ook een praatje met elkaar, flaneren wat, tonen hun nieuwste aanwinst en halen wat versnaperingen op die door een handige jongeman daar worden verkocht. Een heerlijke sfeer, die ook wel wat nostalgische aandoet.

Zo zijn er nog veel meer situaties die dat bijzondere gevoel oproepen, de diversiteit in het verkeer, de stalletjes met specifieke waren, de specialist die zijn waren (uien, cassave, tomaten etc.)  langs de huizen rondbrengt en luidroepend aanprijst. Het is eigenlijk teveel om hier allemaal de revue te laten passeren, maar het gevoel komt telkens weer op. Ik heb deze reis geloof ik een nostalgisch virus opgelopen. Nostalgianitus.

Niet ernnstig, gaat van zelf weer over als je terugkeert in de Westerse wereld werd mij verteld.


Van A naar B

We hebben inmiddels zo’n beetje heel Cuba bereisd, want we zijn inmiddels helemaal aan het oosten van Cuba beland. De plek, ik heb het al eerder genoemd, waar Columbus aan land is gekomen tijdens een van zijn legendarische ontdekkingreizen. We zijn weliswaar niet helemaal in het uiterste westen geweest maar een afstand van hemelsbreed 1000km van ruim 1300km die Cuba langgerekt is, hebben we wel overbrugd.

Hoe kom je van A naar B? Die vraag en de belevenissen die we daarbij hebben meegemaakt komen in deze blog post aan de orde. Het gaat voornamelijk over de Taxi 🚕

Naast de kenmerkende okergeel kleur is een andere kenmerkende eigenschap dat taxi’s altijd op tijd zijn. Dat is tegenstrijdig aan de Cubaanse mentaliteit. Er wordt gekscherend gesproken “over 5 minuten” in Cuba norm betekent dat, houd rekening met een klein half uurtje voor het zover is. Alleen de eerste dagen naar en terug van Vinales hebben we dezelfde chauffeur gehad. De andere keren was het telkens een chauffeur die ergens halverwege de te overbruggen afstand woonde.

Zo kan het gebeuren dat we halverwege de route een tussenstop maken in de woonplaats om nog weer eens een document op te halen. Want er zijn blijkbaar de nodige papieren vereist om hier in een taxi door het land te kunnen rijden. Vandaag gingen we niet naar het huis van de taxidriver voor de papieren, maar om even te tanken. Terwijl wij een koffie kregen aangeboden van zijn vrouw haalde hij een jerrytank van 40 liter diesel uit het schuurtje en vulde daarmee zijn tank. Ik vermoed dat dit  weer een onderhandse constructie is om staatsbemoeienis en bijbehorende kosten te ontlopen.

Ik weet ook eigenlijk niet of het taxibedrijf een staatsbedrijf is waarin zij zijn georganiseerd, maar ik verwacht eigenlijk van wel. Van de andere kant zijn de gele taxi’s niet universeel qua merk. We hebben diverse merken mogen ervaren en ook van verschillende leeftijden. Hyundai, VW, en MG. De minste was een VW Jetta waarin de bestuurder maar ternauwernood paste. Toen we met hem in bergachtiggebied een helling moesten nemen mislukte dat glansrijk. En dus moesten we in de achteruit om vervolgens met een aanloopje de helling te nemen. Met kromme tenen en toegeknepen billen hebben we het gehaald.

Ik heb al eerder vermeld dat er controleposten zijn. Die zijn goed aangegeven en de chauffeurs houden zich allemaal strikt aan de snelheid 20k.! Ook hun rijgedrag bij het inhalen van langzaam verkeer is zeer gedisciplineerd. Ze blijven er keurig achter in geval van tegenliggers of onoverzichtelijke bochten. Bij het kruisen van een spoorlijn wordt afgeremd tot bijna stilstand, wordt links en rechts gekeken of er wellicht toch een trein komt. Terwijl ik inschat dat het al heel erg lang geleden is dat deze rails een trein mocht ervaren. Vervolgens wordt de rails “genomen”, en die actie vereist ook wel een heel voorzichtige benadering, alsof er geen wegdek meer is.

Het langzame verkeer is hier heel divers. Alles  wat ik uit mijn vroege jeugdjaren ken, rijdt hier nog rond, een kleine greep: een platte kar met ossen, paard of ezel als aandrijving, maar ook koetsen en mini huifkarren voor personenvervoer. Verder ook de door mens aangedreven rijtuigen, fietskarren, fietsen, riksja’s. Tenslotte nog brommers, scooters, ijzeren honden, motoren waarvan de eerste ook in een elektrische uitvoeringen. Naar verhouding verrassend veel.

Dat allemaal beweegt zich voort over meestal een 2-baans weg meestal voorzien van de nodige putholes die je wel wilt missen. En dus ontstaan er vreemde moves zo af en toe. Kortom het reizen van A naar B is niet zo heel eenvoudig.

Het verkeer in de stadjes en dorpen is vooral in de ochtend levendig tot druk. Om de doorgaande wegen is relatief weinig verkeer en daar kan je aardig vaart maken mits het wegdek dat ook mogelijk maakt.

Over hoe slecht het wegdek kan zijn, dat hebben we vandaag ervaren. Over de laatste 100km hebben we ongeveer 3 uur gedaan. Grote gaten in het weinige asfalt dat er was. Wellicht achterstallige onderhoud, maar een paar maanden geleden waren hier nog volop overstromingen. Het een zal zeker te maken hebben met het ander.

Het was een lange reis vandaag met onderweg een lunchpauze. Het enige dat er te kiezen was, was het nationale gerecht “pollo con arroz” kip met rijst.

De toeschouwers keken verlekkerd toe.

Uiteindelijk bij het ondergaan van de zon bereikten we Baracoa, dat moest volgens de chauffeur even worden vastgelegd.

In het donker onze casa gevonden en we waren net aan het bijkomen op het terras met een biertje toen al het licht verdween. De zoveelste black-out. Maar tot onze verbazing hebben ze weer de schakelaar weer teruggezet.

Het is hier lekker luchtig weer met een briesje uit zee. Heeeeerlijk. Gewoon nu even chillen het verkennen van het stadje doen we morgen wel.


Camaguey

Het doel van vandaag is een stad in centraal Oost Cuba, met de naam zoals hierboven vermeld. Inmiddels zijn we daar gearriveerd. Een rit van ongeveer 4u over een redelijke goede 2-baans weg, in een goede auto (VW passant) en een rustige chauffeur. In het begin was het nog even spannend, want bij een controle van de verkeerspolitie moesten alle documenten erbij gehaald worden om verder te kunnen. Het kosten enige moeite, maar het is gelukt.

Vanmorgen dus afscheid genomen van onze leuke Casa in Trinidad. Niet alleen leuk vanwege de casa zelf, maar ook vanwege de geweldige host Joey en de familie.

Eerst maar even over de Casa. Het is op eenzelfde wijze ingericht als het herenhuis annex paleis dat we gisteren hebben bezocht. Als je binnenkomt stap je direct de woonkamer in, een hele grote ruimte met piano’s en zitjes maar ook een fietsenstalling. Aan weerszijden liggen slaapkamers en daar weer naast is ook nog een garage. Het is een heel breed huis, zonder ramen (ruiten) maar met een soort van jaloezieën. Omdat het open is hebben al openingen (of zijn het toch ramen?) een hekwerk. Het ziet er voor onze begrippen wat vreemd uit, maar hier is dit overal het geval.

Achter de entree(kamer) is een soort van werk/woonkamer en dan kom je in de achtertuin met aan alle zijden een veranda

Aan de beide zijden van de tuin zijn er kamers waaronder die van ons en er is ook een keuken. Oorspronkelijk waren de deze kamers vroeger voor het personeel en die leefden dus naast de keuken.

Echt een geweldige plek om te relaxen. En die kans dan ook maar waargenomen.

Onze host woont er met een samengesteld gezin en we werden min of meer opgenomen in de familie. Twee van de oudste meisjes spraken tot onze verbazing heel goed Nederlands. Het verhaal daarachter is het volgende. Joey heeft in Den Haag de kunstacademie gedaan en heeft daarna een aantal jaren in Nederland gewerkt als pianostemmer. In Nederland heeft hij zijn vrouw ontmoet en zij hebben toen in Cuba een gezin gesticht. Zijn Nederlandse vrouw is helaas een aantal jaren geleden te komen overlijden. Zijn nieuwe relatie is wel Cubaanse. Het huis is van zijn ouders, en hij runt daar dus de B&B in. Daarnaast schildert hij, repareert oude auto’s en ook huizen, maar was hij voor ons ook een uitstekende gids. In een mengeling van Engels en Nederlands. Heel gezellig en informatief, maar daarover later meer.

We kwamen dus redelijk op tijd aan in Camaguey en konden zo na de lunch de stad verkennen. Veel minder toeristisch dan de voorgaande steden waar we gelogeerd hebben. Een stad die er ook rijker, beter onderhouden en ook schoner uitziet. Een van aanbevelingen voor deze stad is om naar een dansvoorstelling te gaan in gaan in Teatro Principal. Helaas geen voorstelling vanavond, maar we wilden wel het theater even zien.

Een beetje weggestopt, maar toch majestueus. Nu we er toch zijn, toch ook maar even binnen kijken en tot onze verbazing werden we uitgenodigd bij de entree en mochten we een kijkje komen nemen. Nouja kijkje, het werd de meest bizarre rondleiding die ik ook ooit heb gehad. Vanwege de zoveelste blackout, elke dag ligt de energievoorziening er wel voor gemiddeld de halve dag uit, mochten we dus in het pikkedonker een kijkje nemen met uitgebreide toelichting in ratelend Spaans. Alles mochten we “zien”, het toneel, de coulissen, de kleedkamers, de wachtruimte voor de artiesten. Te gek en tegelijk ook bizar.

Bij de entree nog maar wat zichtbare foto’s gemaakt.

Leuke ervaring die ons lang zal bijblijven. Verder heeft Camaguey niet zo veel te bieden, een paar mooie gevels en zelfs een heuse winkelpromenade. Wel lekker rustig want voor het overige is er veel onrust in de stad door voornamelijk het vele verkeer.

Morgen gaan we meteen door naar de plek waar Columbus dacht dat hij in China (en niet Indie) aan land zou zijn gekomen, de plaats Baracoa, helemaal het oostelijke puntje van Cuba. Nog wel een heel eind rijden, zo’n 450km. Dat wordt een hele zit!


Azucar

Suiker was het witte goud in de 19e eeuw. We zijn gisteren en ook vanmorgen bijgepraat over de gouden tijden van Cuba’s belangrijkste inkomstenbron de productie van suiker en dus ook van rum. De teelt van suikerriet is door de Spaanse kolonisten Cuba ingebracht. Het gevolg daarvan is dat in de Valle de Ingenios, ten noordoosten van Trinidad, in de 19e eeuw een hoog cultuur ontstond. Dit vanwege de opbrengsten van de suiker, die vervolgens weer naar Europa werd getransporteerd. De enorme verdiensten konden worden gemaakt over de ruggen van de slaven die vanuit Afrika naar Cuba werden gebracht.

Het leven van de slaven was ook in Cuba afschuwelijk. Dagen van meer dan 14 uur werken en verder een onderkomen als haringen in een tonnetje. Veel mannen en weinig vrouwen wat veel onderlinge strijd opleverde, vrouwen die zwanger werden kozen vaak voor een abortus omdat de geboren baby’s werden afgenomen. Omdat een onzekere levenssituatie dreigde.

De grote groepen slaven die naar Cuba zijn gebracht kwamen met met name uit west en centraal Afrika, veel Cubanen hebben hun roots in Nigeria en Congo. Het is bepalend voor de huidige kleur en ook cultuur van het huidige Cubaanse volk. Hier in Trinidad komen relatief veel donkere mensen voor, terwijl in Vinales de kleur voornamelijk blank is omdat daar de Franse en Duitse kolonisten zich gevestigd hebben. De oorspronkelijke bevolking waren net zoals in Amerika de Indianen. Althans die benaming is er door de westerse samenlevingen aan gegeven, maar het zijn de bewoners uit Zuid en Midden Amerika geweest, de Azteken, de Inca’s en meer van dit soort stammen c.q.culturen. Ergo de bevolking van Cuba is een mix van heel veel culturen en bevolkingsgroepen. Navraag over vormen van mogelijke racisme in de huidige samenleving wordt beantwoord met een overtuigend Nee! De verschillende gidsen waren hier unaniem in.

Joey, de eigenaar van onze Casa heeft ons in z’n zelf gerestaureerde Chevy meegenomen op een ritje door de vallei en ook naar het museum van de suikerriet. Slechts restanten van de productielocaties stonden er nog, maar het herenhuis van de eigenaar was geheel gerestaureerd.

We hebben ook nog even het verse sap van de suikerriet stengel gedronken. Ter plekke werd het met een pers uit de stengel gehaald. Het smaakte, hoe kan het ook anders, zoet. Met een beetje citroensap erbij, echt een heerlijk drankje. Beter dan een Cuba libre.

Vandaag op bezoek gegaan in het herenhuis in de stad van suikerriet oligarch. Toen we duidelijk maakte dat een guide wel handig zou zijn en dat wij dachten aan “papieren” gids, werd ter plekke een gids opgebeld die 5 minuten later voor ons stond en ons vervolgens een uitgebreide rondleiding gaf.

Daarna mochten we nog even de beltower beklimmen en konden we genieten van het prachtige uitzicht over de stad.

Trinidad heeft een boeiende geschiedenis, maar heeft het moeilijk op dit moment. De verdiensten uit toerisme zijn aanmerkelijk teruggelopen sinds Covid en op die manier maakt de bevolking een beetje een teleurgestelde indruk. Daarover later meer.